U bevindt zich hier: HomeBestemmingen van Latijns-Amerika & AntarticaLanden Antarctica Zien en beleven
Reizen op maat in Antarctica : Zien en beleven
Gletsjers
Als de gletsjers de kust bereiken, vormen ze ijskliffen of ijsplateaus. Het bekendste ijsplateau is de Ross Ice Shelf. Dit is tevens het grootste plateau; qua oppervlakte vergelijkbaar met Frankrijk. Op de plaats waar het plateau het land raakt is het 900 meter dik, aan de voorzijde 200 meter. Jaarlijks breekt er naar schatting 1450 vierkante kilometer ijs van de ijsplateaus af. Dit ijs komt in de vorm van ijsbergen in de zee terecht. Ze zijn als sirenen; bekoorlijk maar gevaarlijk.
IJsbergen
IJsbergen hebben verschillende vormen, kleuren en afmetingen. Wanneer ze in het water terecht komen, hebben ze de vorm van een tafel. Ze worden dan ook tafelijsbergen genoemd. niet alleen ijsbergen vormen een gevaar voor de schepen. De zee kan ook bevriezen, waardoor een schip komt vast te zitten. Bovendien kan een schip door het ijs verpletterd worden, vraag maar aan Ernest Shackleton. Aan het einde van de Arctische zomer is er het minste pakijs rond Antarctica. Maar in september is 20 miljoen vierkante kilometer zee bevroren.
Adéliepinguïn
De Adélie is de meest voorkomende pinguïnsoort. Er leven op de kust van continentaal Antarctica en op de antarctische eilanden zo'n vijftien miljoen Adéliepinguïns. De kans dat u deze ziet tijdens uw reis is dus erg groot. Ze zijn herkenbaar aan de grote zwarte kop, de zwarte kin, de zwarte rug en de witte buik. De pinguïn werd genoemd naar de vrouw van de Franse ontdekkingsreiziger Dumont d'Urville. Adéliepinguïns eten voornamelijk krill.
Keizerspinguïn
De keizerspinguïn is de grootste van alle pinguïns. Hij is gemiddeld 30 kilogram zwaar en kan 1,15 meter lang worden. Hij valt op door zijn zwarte kop, zijn lange, neerwaarts gebogen snavel, zijn feloranje oorvlekken en zijn gele borst. De eerste keizerspinguïn werd pas op 12 oktober 1902 waargenomen. Dit gebeurde door luitenant Skelton, die deelnam aan de Discovery expeditie van Robert Falcon Scott.
Koningspinguïn
De koningspinguïn is nauw verwant aan de keizerspinguïn. Hij is echter kleiner en lichter. Zijn nek en schouders zijn zilvergrijs, het uiteinde van de rugveren is donkerblauw. Hij valt zelfs meer op dan de keizerspinguïn omdat zijn ondersnavel meer roze is en zijn borst nog feller geeloranje. Geschat wordt dat er zo'n twee miljoen koningspinguïns op de sub-Antarctische eiland aanwezig zijn. De koningspinguïn legt slechts één ei. Mannetje en vrouwtje bebroeden dit om beurten. Ze leggen het ei op hun poten en bedekken het met een buikplooi. Met het ei op hun voeten kunnen de pinguïns zich nog voortbewegen, bijvoorbeeld bij gevaar.